Bijna drieëneenhalf jaar, nadat 58-jarige Wageninger tijdens een operatie geheel verlamd was geraakt, erkende verzekeringsmaatschappij Winterthur namens haar verzekerde, het ziekenhuis, schuld en betaalde 50.000 gulden schadevergoeding. De advocaat dr. mr. J.C. Sneep uit Bergen op Zoom vond dat niet gepast voor een zich gerenommeerd noemende verzekeringsmaatschappij en spande een kort geding aan tegen de verzekerde (het Canisius-Wilhelminaziekenhuis in Nijmegen). Sneep eiste 165.000 gulden voor zijn cliënt. Het geding werd op het laatste moment afgeblazen, toen de verzekeraar liet weten een aanvullend voorschot aan de dwarslaesiepatiënt te willen betalen en binnen een maand de definitieve schade vergoeding te zullen regelen.
Door Marie-José Urlings
Daarmee is het leed van de Wageninger echter geenszins gelenigd. Tijdens de bewuste operatie aan gevoelsbaanstoornissen werd een zenuw geraakt, waardoor hij tot aan zijn hals verlamt raakte en nog dagelijks ernstig pijn lijdt. De gevolgen van de medische fout zijn onherstelbaar, voor zijn raadsman reden te meer een snellere afwikkeling te verwachten. Sneep noemt de gang van zaken schrijnend en erbarmelijk. Zijns inziens zou het van een goede verzekeringsethiek getuigen als slachtoffers zonder (juridische) hulp binnen enkele maanden hun geld zouden krijgen.
Bijna drieëneenhalf jaar touwtrekken, terwijl volgens advocaat dr. mr. J.C. Sneep zeker in de Wageningse situatie sprake is van een medische misser van e bovenste plank. Sneep, gespecialiseerd in medische letselschade, heeft nauwelijks een goed woord over voor de wijze van afhandelen van de meeste verzekeraars en de houding van voor fouten aansprakelijke medici. Veelal proberen de eerstgenoemde uitkeringen bij medische letselschade te traineren en ontlopen. Soms leiden pas dreigementen met een kort geding of de Raad van Toezicht tot schadeafwikkeling.
Actief beleid is een woord dat in het vocabulaire van Winterthur Verzekeringen in de Wageningse zaak is vervangen door: tijdwinst is winst; traineren geeft alleen voordelen, tijdsverloop is onze grootste vriend gebleken en de tijd decimeert het aantal klagers en eisers. En daar staat Winterthur helaas niet alleen in, beklemtoont Sneep. Hij haalt overigens niet alleen uit naar verzekeraars, maar ook naar medici.
Die zijn over het algemeen niet gewend fouten te erkennen. De houding van de meeste artsen die fouten hebben gemaakt is walgelijk. Fouten worden in ieder beroep gemaakt, dus ook door medici. Geef dat dan openlijk toe. In al de jaren dat ik me met medische letselschade bezighoud (momenteel heeft hij 170 zaken in behandeling) heb ik maar één keer meegemaakt dat een arts ruiterlijk zijn foutief handelen toegaf. De menselijkheid is ver te zoeken, zowel bij artsen als bij verzekeraars.
Het is een kwestie van een verkeerde mentaliteit meent Sneep, die voorstander is van medische consumentengids, waarin zicht wordt geboden op capaciteiten van ziekenhuizen en artsen. Verder bepleit hij verplichte bij- en nascholing voor specialisten, periodieke keuringen 'net als bij piloten' en opname in de arbeidswet. Artsen vormen de enige groep die niet onder de arbeidswet valt. Een specialist kan en mag onbeperkt werken zodat je situaties krijgt waarin een arts vierentwintig uur achter elkaar bezig is, een uurtje slaapt en vervolgens weer aan de slag gaat.
Bij het Wageningse slachtoffer zei de chirurg volgens Sneep direct na de operatie tegen de familie dat er een fout was gemaakt. Later heeft hij dit herroepen. Het vraagt bijzondere kennis de strijd aan te binden met verzekeraars. Daarom betaalt er sinds ongeveer anderhalf jaar een Vereniging Voor Letsel Advocaten (LSA).
Grote deskundigheid is noodzakelijk, omdat ook de verzekeraars die in huis hebben. Sneep werd toevallig belangenbehartiger voor slachtoffers. Na ooit op de lagere landbouwschool te zijn begonnen (hij leidt nog steeds een boerderij van 55 hectare), deed hij schriftelijk HBS-b, MO-staatsinrichting, doorliep hij werkend de rechtenstudie en promoveerde hij in 1980 tot doctor in de rechtsgeleerdheid.
Aan zijn werk als strafrechtadvocaat kwam halverwege de jaren tachtig een eind, toen hij na en vergadering in Amsterdam voor een pilsje in een café belandde en daar een operatie zuster ontmoette. Die bracht hem in contact met de Haarlemse mevrouw Th. van de Wakker. De Haarlemse was slachtoffer van en verkeerde behandeling door een huidarts en via een kort geding kreeg zij het tot dan toe hoogste bedrag in dergelijke zaken van 200.000 gulden toegewezen. Met deze geruchtmakende zaak zette Sneep zijn eerste schreden op het pad van de medische letselschade.
Feitelijk vindt hij dat niet gespecialiseerde advocaten dit soort zaken niet moeten accepteren. Uiteindelijk moeten ze het dan toch vaak afgeven en het komt voor dat Sneep de zesde advocaat is die zich met een bepaald geval van medische letselschade bemoeit.
Overigens procedeert hij nauwelijks en beschouwt het als iets dat je dient te vermijden om slachtoffers van medische fouten die gewoonlijk toch al ernstig in hun persoonlijke levenssfeer zijn beschadigd met juridische procedures te belasten. Na een melding ga ik eerst na of iemand voor kosteloze rechtsbijstand in aanmerking komt. Voor een minimale eigen bijdrage kan een Bureau voor Rechtshulp mij aan zo'n cliënt toevoegen.
Voor het medisch gedeelte heeft Sneep twee artsen, beiden zeer ervaren in het verzekeringswezen, als adviseur. De medisch adviseur beoordeelt of het gaat om een kunstfout (grove onzorgvuldigheid op medisch gebied) en rapporteert aan Sneep die dan onder meer het oorzakelijk verband tussen medisch handelen en schade juridisch onderbouwt. Dan spreek ik het ziekenhuis aan, die het doorstuurt naar de verzekeraar en dan begint meestal de misère.
Volgens Sneep moet de medisch adviseur van de verzekeraar het geval beoordelen met als soms nadrukkelijke richtlijn de zaak zoveel mogelijk af te dekken "Bij wijze van spreken krijg je dan een standaardbrief met een afwijzing, waarna het touwtrekken en een eindeloze briefwisseling beginnen."In het Wageningse geval werd Sneep overigens pas in maart dit jaar door de zaakwaarnemer van het slachtoffer ingeschakeld. Voordien werd de Wageninger door de FNV begeleid.
De verzekeraar had maar liefst veertien maanden nodig om een onpartijdige deskundige, in de persoon van prof. Marti, in te schakelen. Diens rapport was in april dit jaar klaar, maar de verzekeraar oordeelde dat hieruit geen aansprakelijkheid bleek. Als ze op dat moment even naar Marti hadden gebeld had die ze binnen een minuut uitsluitsel kunnen geven. Nu werd de zaak weer op z'n beloop gelaten.
Advocaat Sneep was inmiddels witheet en eiste een gesprek met de medisch adviseur van de verzekering, Marti en zijn eigen medisch adviseur. Dit – met dreigen met een kort geding afgedwongen – gesprek was een formaliteit en leidde eind september tot een voorschot van 50.000 gulden. Een schandalige fooi volgens Sneep.
De deplorabele situatie van een mens wordt hier totaal miskend. Het gaat hier niet om geld, maar om erkenning en genoegdoening, fulmineert Sneep die weer tijdenlang niets hoorde van Winterthur en pas na het aanspannen van een kort geding de verzekeraar zover kreeg dat de kwestie op afzienbare termijn wordt afgewikkeld.
De 'kneep' zit hem volgens de advocaat in te lage premies. Sommige ziekenhuizen zijn maar tot een ton verzekerd, geen wonder dat letselschadeafdelingen genoodzaakt worden uitkeringen zoveel mogelijk te beperken. Veel slachtoffers beginnen niet eens aan het claimen van een schadevergoeding en doen ze het wel, dan komt het voor dat schaderegelaars ze bij een eerste bezoek al proberen voor een luttel bedrag af te kopen.
Medische fouten komen veelvuldig voor, weet Sneep uit onderzoeken die daarnaar zijn gedaan. Het gaat om duizenden klachten per jaar. Er zijn tal van verontrustende cijfers bekend maar soms zien slachtoffers ervan af schadevergoeding te eisen, omdat ze opzien tegen alle rompslomp of domweg niet in de gaten hebben dat er sprake is van een medische fout.